Ik heb al zo vaak soep van pompoen, zoete aardappel, wortel en zo gemaakt. Het wordt een beetje saai. Dus dacht ik laat ik eens wat echt anders proberen. Nou deze witlofsoep is echt anders. Zo héé, wat is die soep bitter als je hem net gemaakt hebt. Als je daar van houdt zou ik hem meteen helemaal opeten. Want later bleek dat hij eenmaal een tijdje in de fles wat milder wordt. Zo vers kon ik het alleen aan met een flinke dot geraspte kaas. Dat was heel lekker. Het recept komt uit het kookboek “de groene garde”. Mijn vriend kreeg het lang geleden een keer voor zijn verjaardag (niet van mij). Ik heb me niet helemaal aan het recept gehouden. Lees verder voor mijn versie.
Wat heb je nodig?
- 1 grote witte ui, gesnipperd
- 2 preien, gesneden in ringen
- 2 aardappels, kruimig, gesneden in grove stukken
- 4 witlofstronken, gesneden in ringen, het bittere hart eruit gehaald
- 3 laurierblaadjes
- wat peterselie, fijngesneden, ook de stengeltjes, houd die apart
- 1l groentebouillon
- kookroom, een flinke scheut
- zout, cayennepeper, olijfolie
Wat te doen?
Fruit als eerste de ui in een pan met dikke bodem in wat olijfolie. Als de ui glazig wordt, voeg je de prei en witlof erbij. Laat dit meebakken tot alles wat zacht begint te worden en mooi glanst. Doe dan de aardappelblokjes in de pan met de laurier en de fijngesneden steeltjes van de peterselie. Schep dit wat om. Voeg de bouillon erbij. Breng aan de kook en laat koken tot de aardappels gaar zijn, ca. 25 minuten. Haal de laurier eruit en pureer de soep. Mocht de soep teveel zijn afgekoeld, breng hem dan weer aan de kook. Voeg een flinke scheut kookroom bij. Roer en proef. Misschien moet er nog wat zout en cayennepeper bij om de smaak goed te krijgen. Serveer in de kom met een flinke dot geraspte kaas en de peterselie blaadjes als garnering. Goedgekeurd door 2 personen.
